In 2013 is het precies 300 jaar geleden dat een Duitse bosbouwer, Hans Carl von Carlowitz, de term Nachhaltigkeit (duurzaamheid) introduceerde in zijn boek ‘Sylvicultura Eoconomica’ als reactie op het (verwachte) grote tekort aan hout in die tijd. De term was vooral bedoeld om nadruk te leggen op de noodzakelijkheid van een continue houtoogst en houtvoorziening, maar Von Carlowitz onderkende ook al de ethische en esthetische waarden van bos.

De term duurzaamheid werd in de bosbouw in de eeuwen er na opgepakt als term voor duurzame oogst, waarbij niet meer gekapt mocht worden dan er bijgroeit. In de tweede helft van de twintigste eeuw kreeg de term echter een bredere betekenis, met name door de Club van Rome en de Brundtland-commissie. De term duurzaamheid heeft een enorme impact gehad en heeft het nog steeds op ons bestaan. Bosbouwers hebben aan de basis gestaan van deze ontwikkeling en vervullen daarin nog steeds een voortrekkersrol door te streven naar een balans tussen de verschillende bosfuncties en de sterke gerichtheid op de (zeer) lange termijn. Dit is niet alleen iets om trots op de zijn, maar de bosbouw kan nog steeds een voorbeeldfunctie vervullen naar andere sectoren. In dit project wordt door de volgende activiteiten aandacht besteed aan het ontstaan van de term duurzaamheid in de bosbouw, maar wordt ook vooruit gekeken wordt naar de toekomst en de rol van de bosbouw hierin: Symposium, Studentenseminar met Ulrich Grober, Artikelen in vakbladen, Bosbericht, Rondreizende tentoonstelling en Poster.

Informatie

uitvoerder(s): Patrick Jansen
periode van uitvoering: 2013

Resultaten

bijeenkomsten:
Bosbericht:
artikelen:
poster:

Tags